Donderdagmiddag 16 april 2026 heeft Willem van Norel in het Nationaal Holocaustmuseum in Amsterdam, volkomen onverwachts, de De Rachel Borzykowski Award ontvangen.
De Rachel Borzykowski Award wordt vrijwel jaarlijks uitgereikt aan een persoon wiens werk en persoonlijke inzet op bijzondere wijze hebben bijgedragen aan de doelstelling van de Sobibor Stichting: het vergroten van de bekendheid over het voormalige vernietigingskamp Sobibor en alles wat zich daar tijdens de Tweede Wereldoorlog heeft afgespeeld.
Deze onderscheiding is vernoemd naar Rachel Borzykowski, de eerste echtgenote van Jules Schelvis, overlevende van het vernietigingskamp Sobibor en oprichter van de Sobibor Stichting. Rachel werd geboren in Amsterdam op 2 maart 1923.
Haar ouders emigreerden na de Eerste Wereldoorlog naar Nederland vanwege het toenemende antisemitisme in Polen. Zij vestigden zich in Amsterdam. In 1921 werd hun eerste dochter Hella geboren, gevolgd door Rachel in 1923 en hun zoon Herman in 1927.
Het gezin leefde in welvaart en kende een rijk sociaal en cultureel leven. Het huis van de familie Borzykowski aan de Nieuwe Kerkstraat was een plek vol activiteit. Met vrienden en geïnteresseerden werden boeken gelezen—soms in het Jiddisch—en er vonden levendige gesprekken plaats over uiteenlopende onderwerpen. De kinderen groeiden op in een gastvrije en warme omgeving. Na de lagere school ging Rachel werken als naaister in een atelier.
Oorlog
Op 10 mei 1940 brak de oorlog uit in Nederland. In het begin van de Duitse bezetting verliep het dagelijks leven voor Joden nog betrekkelijk normaal, maar de steeds strengere anti-Joodse maatregelen legden geleidelijk een zware last op hun schouders. Dat deze maatregelen zouden uitmonden in de vrijwel volledige vernietiging van het Joodse leven in Nederland was toen nog nauwelijks voorstelbaar.
Juist in deze periode leerden Rachel en Jules elkaar kennen. Door haar werk als naaister kreeg Rachel een tijdelijke vrijstelling in haar persoonsbewijs, waardoor zij voorlopig werd gevrijwaard van deportatie. Jules daarentegen werd ontslagen bij de Lindenbaum Drukkerij omdat hij Joods was.
In het najaar van 1941 werd bekendgemaakt dat buitenlandse Joden zich moesten melden voor ‘werk elders’. Dit gold ook voor de kinderen Borzykowski, hoewel zij in Nederland waren geboren. Rachel en Jules besloten op 18 december 1941 te trouwen, in de hoop dat zij daarmee de Nederlandse nationaliteit zou verkrijgen en deportatie kon voorkomen. Vanaf 15 juli 1942 werden echter zowel buitenlandse als Nederlandse Joden gedeporteerd naar het door nazi-Duitsland bezette Polen.
Rachel en Jules wisten zich nog tot 26 mei 1943 in Amsterdam staande te houden. Op die dag werden zij in hun woning gearresteerd door de Duitse Ordnungspolizei. Hun vrijstellingen bleken plotseling niet meer geldig. Via het verzamelpunt op het Jonas Daniël Meijerplein werden zij per tram naar station Muiderpoort gebracht en diezelfde avond naar doorgangskamp Westerbork vervoerd.
Na zes dagen in Westerbork werden zij gedeporteerd naar het onbekende ‘oosten’. Het transport, met ongeveer 3.000 mensen, had als eindbestemming Sobibor, waar het doel van de nazi’s vernietiging was. Bij aankomst werd Jules geselecteerd voor dwangarbeid. Rachel had dat lot niet en werd nog diezelfde dag vermoord.
De Sobibor Stichting, samen met Jules Schelvis tijdens zijn leven, herdenkt Rachel Borzykowski door vrijwel jaarlijks de Rachel Borzykowski Award uit te reiken.
Beste Willem, wat een eer om zoiets te ontvangen.
Bericht van De Loermeeuw